Verschillende vormen van gladheid verklaard

In het winterseizoen is het altijd goed om op te letten of het glad is. Niet alleen automobilisten kunnen hinder ondervinden van gladde wegen, maar vooral ook fietsers en voetgangers kunnen veel last hebben van winterse omstandigheden. Lang niet alle trottoirs en fietspaden worden gestrooid. Vooral bij plaatselijke gladheid is het soms lastig in te schatten of het wegdek op dat moment glad is of niet.

Sneeuwval is duidelijk zichtbaar, waardoor mensen voor een deel kunnen anticiperen op gladheid. Wanneer de sneeuw op de weg blijft liggen is de kans op overlast echter groot. IJzel is de meest verraderlijke vorm van gladheid. De wegen kunnen door de harde ijslaag bijzonder glad worden en in eerste instantie kan ijzel voor onschuldige regen worden aangezien.

Bevriezing

Het bevriezen van natte wegdelen is de meest voorkomende en vaak ook de meest onzichtbare vorm van gladheid. Zodra de temperatuur van het wegdek onder het vriespunt komt en het wegdek vochtig is krijg je ijskristallen. Als het wegdek eerder door neerslag nat is geworden en daarna gaat het vriezen, wordt er een doorzichtige laag ijs gevormd en is de gladheid moeilijk te zien. Als het vocht tijdens een koude winternacht op het bevroren wegdek condenseert krijg je rijpvorming. Je kunt deze herkennen aan witte plekken die op het asfalt ontstaan. Bruggen van hout of staal koelen veel sneller af dan dikke betonnen bruggen en de rest van het wegennet en zullen als eerste glad worden.

Autothermometer geeft geen gladheid aan

De temperatuur van de weg kan sterk afwijken van temperatuur van de lucht. In de avond zijn de wegen vaak warmer dan de lucht. Ondanks dat het vriest, is van gladheid nog geen sprake. Aan andere kant kunnen de wegen in de vroege ochtend kouder zijn de temperatuur van de lucht. In beide gevallen wijkt de thermometer in de auto sterk af van de wegdektemperatuur. Je kunt het vergelijken met de wintersport. Op de piste kan de temperatuur boven het vriespunt liggen, maar de sneeuw blijft gewoon liggen. Over het algemeen kun je stellen dat bij vijf graden of meer geen sprake zal zijn van bevriezing.

Schoolvoorbeeld van gladheid

In tegenstelling tot bevriezing is sneeuwval goed zichtbaar en daarbij kun je ook zien of de sneeuw op weg blijft liggen of smelt. De sneeuw kan smelten, doordat de wegen nog niet bevroren zijn of doordat er gestrooid is. Strooizout verlaagt het smeltpunt van water naar circa -6 graden. Om het smeltpunt verder te verlagen moeten steeds grotere hoeveelheden zout worden opgelost terwijl dat bij lage temperaturen juist moeilijker gaat. Suiker lost ook beter op in hete thee. Als het wat langer sneeuwt gaat zowel de temperatuur van de lucht als van het wegdek omlaag. Hierdoor zal de sneeuw op een gegeven moment niet meer smelten en vormt op de weg een bruine laag met drab. Bij aanhoudende sneeuwval worden de wegen wit en de stukken met aangereden sneeuw zijn daarbij veel gladder dan de onbetreden stukken.

IJzel lijkt op regen

Regen op een bevroren grond kan snel Gras en ijzeltot spekgladde wegen leiden. Dit wordt ijzel genoemd en de harde doorzichtige ijskorst is moeilijk met zout te bestrijden. Soms is de temperatuur van de regen zelf net onder nul. Ook deze onderkoelde regen leidt tot ijzel. Deze ijskoude regen is niet intensief, maar vormt wel een ijslaagje op alles wat het raakt. IJzel komt meestal voor bij een dooiaanval na een vorstperiode. Vaak valt er eerst wat sneeuw, ontstaat daarna ijzel en gaat het vervolgens regenen. De overgang van sneeuwval naar een ijzelsituatie kan door de regen ten onrechte bij de weggebruiker het idee wekken dat de gladheid afneemt, terwijl in werkelijkheid dan sprake is van de meest verraderlijke vorm van gladheid.

Regionale verschillen door sneeuwbuien

Vooral bij een noordwestenwind kan het in de winter een komen en gaan zijn van sneeuwbuien. De intensiteit van de buien kan zo groot zijn dat er overlast ontstaat, of er nou gestrooid is of niet. De situatie op de weg kan regionaal sterk verschillen en voor gladheidsbestrijders is het op voorhand niet in te schatten waar ze het hardst nodig zullen zijn. In situaties met veel wind en temperaturen van 3-4 graden wordt er zelfs niet altijd gestrooid, omdat de sneeuw daarna vanzelf smelt en het strooizout met een flinke bui voor een groot deel al is verdwenen.

Foto’s: J. Wiersema

Dit bericht is geplaatst in Nieuws. Bookmark de permalink.

Afgelopen dag was de eerste regionale ijsdag van dit winterseizoen. In het midden, zuiden en oosten lag de maximumtemperatuur op …
Lees meer...

 

Op grote schaal kan het vanavond en vooral komende nacht glad worden door sneeuw en ijzel. Een neerslaggebied verdrijft geleidelijk …
Lees meer...