Warmste zomer in ruim 300 jaar

Sinds het begin van de historische metingen in 1706 is de gemiddelde temperatuur in de zomer niet zo hoog geweest als dit jaar. Volgens de huidige verwachting komt de gemiddelde zomertemperatuur in De Bilt uit op 19,1 graden. Daarmee wordt het vorige record van 18,7* graden uit 1826 ruimschoots gebroken. De warmste zomer sinds 1901 was 2003 met 18,6 graden. In een normale zomer bedraagt de gemiddelde temperatuur op het hoofdstation 17,0 graden.

De huidige meteorologische zomer, die van 1 juni tot en met 31 augustus duurt, kan het warmterecord haast niet meer ontlopen. Volgens de huidige berekeningen van het Weeronline-weermodel wordt het in De Bilt in ieder geval tot en met donderdag 23 augustus dagelijks maximaal 22-25 graden. Daarna volgt mogelijk een periode met maxima rond 20 graden of iets lager. ’s Nachts daalt het kwik veelal naar 11-17 graden.

Zomer 2018: de feiten

De huidige zomer kende een aantal bijzondere wapenfeiten. Zo beleefde Nederland van 12 juli tot en met 9 augustus de langste regionale hittegolf sinds het begin van de metingen: 29 dagen in het Gelderse Hupsel en het Overijsselse Twenthe! Het vorige record van 22 dagen uit 1994 werd daarmee verpulverd. Ook eerder in het zomerseizoen kon al een regionale hittegolf worden genoteerd. In het Limburgse Arcen werd van 27 juni tot en met 9 juli aan de hittegolfcriteria voldaan.

De Bilt beleefde twee officiële hittegolven: 15 t/m 27 juli (13 dagen) en 29 juli t/m 7 augustus (10 dagen). Alleen op 28 juli werd de 25 gradengrens niet geslecht, anders was sprake van één (record)lange officiële hittegolf van 24 dagen. De hoogste temperatuur op het hoofdstation deze zomer bedraagt 35,7 graden, gemeten op 26 juli. Voor De Bilt was dit een evenaring van het absolute warmterecord. In Arcen was het die dag over alle weerstations het warmst met 38,2 graden. Dit was goed voor een gedeelde tweede plaats van warmste dagen ooit gemeten en is tevens de hoogste temperatuur van dit jaar.

De Bilt telt over de maanden juni, juli en augustus 8 tropische dagen, twee keer zoveel als normaal! Deze zomer noteert het hoofdstation tot nu toe 35 zomerse dagen (25 graden of meer) tegen 21 normaal. Mogelijk komt hier nog een aantal dagen bij. Het aantal warme dagen (20 graden of meer) tijdens de zomermaanden komt inclusief de huidige verwachting uit op 82. Dit is veel meer dan de gebruikelijke 60 dagen en bijna een evenaring van het record uit 2003. Toen telde de zomer 83 warme dagen.

Extreem koude zomers

De koudste zomer sinds het begin van de metingen was die van 1725. Toen bedroeg de gemiddelde temperatuur slechts 13,2 graden. Ook de zomers van 1805 en 1816 verliepen met gemiddeld respectievelijk 14,0 en 14,1 graden bijzonder fris. Het jaar 1816 wordt zelfs ‘het jaar zonder zomer’ genoemd.

Opvallend aan de zomer van 1816 is dat de lage gemiddelde zomertemperatuur samenvalt met de uitbarsting van de vulkaan Tambora in Indonesië. Bij grote vulkaanuitbarstingen komen asdeeltjes namelijk zeer hoog in de atmosfeer. Ze verspreiden zich over de hele wereld en verminderen de hoeveelheid zonlicht dat het aardoppervlak bereikt. Het verkoelende effect van een eruptie kan enkele jaren duren. Op de lange termijn kan juist klimaatopwarming optreden door de grote hoeveelheid broeikasgassen die een vulkaan bij een uitbarsting uitstoot.

Sinds 1901 was 1907 de koudste zomer met gemiddeld 14,1 graden. Het kwam zowel aan het begin als eind van de ‘zomer’ nog regelmatig tot nachtvorst. Zomerse, laat staan tropische dagen kwamen niet voor. Slechts op 20 dagen werd de 20 graden overschreden. Ter vergelijking: afgelopen lente scoorde De Bilt 30 warme dagen, waarvan 21 in mei.

Tegenwoordig geen koude zomers meer

Vanwege klimaatverandering beleven we geen koele zomers meer. De koudste zomers van deze eeuw, 2000 en 2011 met 16,3 graden, werden tot 1950 als warme zomers gezien. Zo was de normale zomertemperatuur begin jaren 30 slechts 15,4 graden. Dit is 1,6 graden kouder dan het huidige klimatologische gemiddelde!

Vooral in de 18de en 19de eeuw kwamen nog écht koude zomers voor. Ook in die eeuwen waren er bijzonder warme zomers, maar juist koude zomers als 1725, 1805 en 1816 konden het gemiddelde naar beneden trekken. Nu hebben we juist te maken met veel warme pieken en weinig koude dalen. Mocht de opwarming van de aarde op dit tempo doorgaan, en dat is zeer waarschijnlijk, dan is een zomer als dit jaar in de toekomst eerder gemeengoed dan uitzondering.

*In de 18de en 19de eeuw werd door het KNMI nog niet in De Bilt gemeten, maar in Zwanenburg (ten westen van Amsterdam) en Utrecht. De metingen begonnen in 1706 en vanaf 1901 wordt officieel gemeten in De Bilt. Die overlap maakte het mogelijk om één lange reeks te maken die nu ruim drie eeuwen omvat. De Zwanenburg-Utrecht-De Bilt reeks wordt internationaal gebruikt voor klimaatonderzoek. De metingen vóór 1901 zijn iets minder betrouwbaar en kunnen voor een seizoen 0,2 graden afwijken.

Foto: Ben Saanen

Dit bericht is geplaatst in Nieuws. Bookmark de permalink.

Na 60 officiële warme dagen op rij staat vrijdag en komend weekend een zomerdip op het programma. Het wordt dan slechts 16-19 graden met regelmatig een bui. Lees meer

Vandaag is de 100ste warme dag van 2018 en we beleven een recordlange aaneengesloten reeks warme dagen. Lees meer