Historische temperatuurreeksen verbeterd

Het KNMI heeft historische temperatuurwaarnemingen van de vijf de vijf belangrijkste Nederlandse weerstations (De Bilt, Den Helder/De Kooy, Groningen/Eelde, Vlissingen en Maastricht/Beek) gecorrigeerd. De gecorrigeerde waarden zijn geldig sinds 1 juni 2016. Hieronder leggen we kort uit waarom en hoe dit is gedaan en wat de gevolgen zijn.

Waarom?

Als je temperaturen eerlijk wilt vergelijken en/of trends uit een lange reeks metingen wilt halen heb je een betrouwbare, homogene reeks nodig. Dit was bij deze temperatuurreeksen niet het geval. Er zijn veranderingen geweest in meetinstrumenten, meetopstellingen en zelfs de meetlocaties. Om de meetreeksen van voor en na de veranderingen beter op elkaar aan te sluiten zijn correcties nodig. Hier volgt een overzicht van de belangrijkste redenen per station.

De Bilt

In 1951 is de pagode weerhut vervangen door een meer open Stevenson weerhut. Een jaar later is de meetlocatie circa 300 m verplaats naar een meer open omgeving.

Den Helder/De Kooy

In 1972 is de meetlocatie verplaatst van een plek aan de westkant van de stad naar een plek aan de zuidoostkant van de stad.

Groningen/Eelde

Tot 1951 werden de metingen gedaan in een locatie in de stad Groningen. Sinds 1951 wordt op een veel meer open plek, 10 km zuidelijker, op het vliegveld van Eelde gemeten.

Vlissingen

De waarnemingen in de haven van Vlissingen zijn in de periode 1947-1958 tijdelijk verplaatst naar een locatie in Souburg (1,8 km naar het noordwesten, landinwaarts).

Maastricht/Beek

Tot 1951 was de meetlocatie geplaatst in de stad Maastricht en werd gemeten op 20 m hoogte boven de grond. Sinds 1951 wordt op een normalere (1,5 m hoogte boven de grond) gemeten, maar wel op een open locatie op het vliegveld van Beek. Dit ligt circa 9 km noordoostelijk van de eerdere locatie en ook ongeveer 65 meter hoger boven zeeniveau.

Hoe?

Voor de meeste waarneemstations is een tijd (variërend van 5 tot 10 jaar) met beide opstellingen/op beide locaties gemeten. Op basis van de opgetreden verschillen zijn logische correcties van eerdere metingen voor alle locaties bepaald. Wil je hier echt de details van weten dan kan je het beste het KNMI benaderen.

Gevolgen

De gevolgen verschillen uiteraard per station. In het algemeen zijn de veranderingen van de minimumtemperatuur vaak groter dan van de maximumtemperatuur. Grote correcties van de maximumtemperatuur zien we vooral op warme, zonnige zomerdagen.

Dit is logisch. In de beschutte stad wordt het op zonnige zomerdagen warmer dan in een open gebied. Ook blijft deze warmte in de nachten in de steden wat langer hangen. In een open locatie koelt het tijdens een heldere nacht harder af.

Minder hittegolven

Sinds 1901 is in De Bilt 40 keer een hittegolf gemeten. De laatste vorig jaar. Hiervan zijn we er door de correcties maar liefst 15 kwijtgeraakt. De 15 warme periodes die nu (net) niet meer een hittegolf zijn vonden allemaal plaats voor 1950.

De absolute records in De Bilt

De hoogste temperatuur ooit gemeten in De Bilt is niet meer 36,8 graden (27 juni 1947), maar dit is nu 35,7 graden; gemeten op 19 juli 2006.

De laagste temperatuur ooit gemeten is één tiende aangepast van -24,8 naar -24,7. De datum is wel dezelfde gebleven: 27 januari 1942.

De laagste maximumtemperatuur in De Bilt is niet meer -11,3 van 20 december 1938, maar dit is nu -11,4 graden van 26 januari 1942.

De hoogste minimumtemperatuur is niet veranderd. Dit is nog altijd 20,8 graden; gemeten op 9 augustus 2004.

Verder zien we een opvallende aanpassing voor Maastricht/Beek. Het oude maximumtemperatuurrecord van 27 juni 1947 is flink bijgesteld van 38,4 graden naar 37,2 graden. Het nieuwe record is nu de meting van 2 juli 2015: 38,2 graden.

Dit bericht is geplaatst in Nieuws. Bookmark de permalink.

Voor de zevende dag op rij kan het in ons land tot zware onweersbuien komen met kans op wateroverlast, grote […] Lees meer

De meteorologische zomer begint vandaag direct met regen- en onweersbuien. In de loop van de middag kan het regionaal flink […] Lees meer